Ga naar hoofdinhoud
Gratis, zonder account

De FIRE-calculator die box 3 niet vergeet

Vul in wat je straks netto per maand wilt uitgeven, en reken terug: welk vermogen heb je nodig, en wat moet je daarvoor maandelijks inleggen? Inclusief inflatiecorrectie, een instelbare opnameregel (SWR) en de vermogensbelasting in box 3, met een schakelaar tussen het huidige forfaitaire stelsel en het nieuwe stelsel op werkelijk rendement.

Jouw situatie

Wat je straks maandelijks belastingvrij wilt kunnen uitgeven, in euro's van vandaag. De tool indexeert dit automatisch met de inflatie.

jaar
jaar
%/jr
%/jr
%

Het deel van je vermogen dat je jaarlijks opneemt. De bekende 4%-regel gaat uit van ~30 jaar; voor een lange FIRE-horizon is 3,5% (de standaard hier) veiliger. Lager = voorzichtiger.

Benodigd vermogen op 55 jaar

Volgens de 3,5%-regel
€ 1.406.234
Buffer voor box 3 (tijdens pensioen)
€ 2.171.085
Totaal benodigd
€ 3.577.319

Genoeg om € 4.102 per maand op te nemen (jouw € 2.500 van nu, geindexeerd over 25 jaar). Het kale bedrag is de klassieke opnameregel; de buffer erbovenop dekt de box 3-heffing die je tijdens je pensioen blijft betalen.

Benodigde inleg

€ 6.296

per maand, 25 jaar lang

Box 3 tijdens opbouw

€ 812.959

totaal; € 75.988/jr in je eerste pensioenjaar

Waarom € 75.988 box 3 per jaar?

Dit is de heffing in je eerste pensioenjaar, gerekend over je doelvermogen van € 3.577.319. Zo komt dat bedrag tot stand in het huidige forfaitaire stelsel (belasting over een verondersteld rendement):

Je vermogen
€ 3.577.319
Heffingsvrij vermogenOver dit deel betaal je nooit box 3.
− € 59.357
Grondslag
€ 3.517.962
Verondersteld rendement (6%)De Belastingdienst gaat uit van dit fictieve rendement, ongeacht wat je écht verdient.
€ 211.078
Box 3-tarief (36%)
€ 75.988

Waarom dit je FIRE-bedrag verhoogt: deze heffing betaal je élk jaar dat je met pensioen bent, uit je eigen vermogen. Daarom rekent de calculator een buffer bovenop de kale 3,5%-regel: zonder die buffer teer je langzaam in. Let op: in het forfaitaire stelsel betaal je ook belasting in een jaar dat je verlies draait, omdat het rendement wordt verondersteld. Cijfers van peiljaar 2026; indicatief, geen fiscaal advies.

Jouw pad naar FIRE

Vermogensopbouw met € 6.296 inleg per maand, na aftrek van de jaarlijkse box 3-heffing (huidig forfaitair stelsel).

Vermogen (na box 3)Zelf ingelegdDoelvermogen

Hoe er gerekend wordt

  • • Je maandbudget wordt met 2% inflatie per jaar geindexeerd naar € 4.102 op je doelleeftijd, zodat je koopkracht behouden blijft.
  • • Doelvermogen = jaaropname / SWR, verhoogd met de box 3-heffing die je tijdens het onttrekken jaarlijks blijft betalen.
  • • In de opbouwfase wordt elk jaar de box 3-heffing van je vermogen afgetrokken (forfaitair over je vermogen boven de vrijstelling).
  • • De benodigde maandinleg wordt binair gezocht tot het doel precies wordt gehaald.
  • • Het rendement telt als effectief jaarrendement: 7% betekent dat je vermogen na één jaar 7% hoger staat (een spreadsheet die met 7%/12 per maand rekent, komt daardoor iets hoger uit).

Educatieve schatting met vaste rendementen; echte markten schommelen. Alle bedragen zijn nominaal (toekomstige euro's); je maandbudget is wél in koopkracht van vandaag weergegeven. Belastingparameters (peil 2026) veranderen jaarlijks en het nieuwe stelsel kan nog wijzigen. Geen fiscaal of beleggingsadvies.

Bewaar deze berekening en volg of je op schema ligt

Eén berekening is een momentopname. Met een gratis account bewaar je je FIRE-doel, zie je maand na maand of je richting je doel beweegt, en houdt het overzicht bij wat box 3 je elk jaar kost. Geen betaalgegevens, geen proefperiode.

FIRE uitgelegd: eerder stoppen met werken

Wat FIRE precies is, waarom de 4%-regel voor Nederlanders te optimistisch kan zijn en hoe box 3 je doelbedrag verhoogt.

Wat is FIRE?

FIRE staat voor Financial Independence, Retire Early: financieel onafhankelijk worden en eerder kunnen stoppen met werken. Het idee is simpel. Je bouwt een vermogen op dat groot genoeg is om van te leven, zodat werken een keuze wordt in plaats van een noodzaak.

In de praktijk gaat het minder over "nooit meer werken" en meer over vrijheid: minder uren, ander werk, of een pauze zonder dat je inkomen wegvalt. Het rekenwerk is voor beide hetzelfde.

De 4%-regel, en waarom wij voorzichtiger rekenen

De bekendste vuistregel komt uit de Amerikaanse Trinity Study: als je jaarlijks 4% van je startvermogen opneemt (gecorrigeerd voor inflatie), overleefde je portefeuille historisch gezien vrijwel elke periode van 30 jaar. Omgekeerd betekent dat: je hebt 25 keer je jaaruitgaven nodig.

Voor wie op zijn 40e of 50e stopt, is 30 jaar te kort gerekend. Bij een horizon van 40 tot 50 jaar hanteren veel mensen daarom 3 tot 3,5%, oftewel 29 tot 33 keer je jaaruitgaven. De calculator staat standaard op 3,5% en je kunt het percentage zelf aanpassen.

Belangrijk voor Nederlandse beleggers: de Trinity Study hield geen rekening met box 3. Die heffing komt bovenop je opname, en daarom rekent onze calculator er een aparte buffer voor.

OpnamepercentageBenodigd vermogenBij €2.500 per maand
4%25× jaaruitgaven€750.000
3,5%≈ 29× jaaruitgaven€857.000
3%≈ 33× jaaruitgaven€1.000.000

Waarom inflatie het echte werk doet

Een maandbudget van €2.500 klinkt concreet, maar over 25 jaar koop je daar veel minder voor. Bij 2% inflatie heb je over 25 jaar ongeveer €4.100 nodig voor dezelfde boodschappen.

Daarom vul je in de calculator je gewenste budget in euro's van vandaag in. De tool indexeert dat automatisch naar je doelleeftijd, zodat je doelvermogen realistisch blijft. Reken je zonder inflatie, dan kom je structureel te laag uit.

Hoe de calculator rekent

  • Doelvermogen: je gewenste maandbudget wordt geïndexeerd naar je doelleeftijd, omgerekend naar een jaarbedrag en gedeeld door je opnamepercentage.
  • Box 3-buffer: daarbovenop komt het bedrag dat nodig is om de jaarlijkse vermogensheffing te dragen zonder in te teren.
  • Opbouwfase: vanaf je huidige vermogen wordt maandelijks ingelegd tegen je verwachte rendement, met elk jaar de box 3-heffing eraf.
  • Benodigde inleg: de tool zoekt het maandbedrag waarmee je precies op je doelvermogen uitkomt op je doelleeftijd.

Waar deze berekening geen rekening mee houdt

  • AOW en pensioen. Vanaf je AOW-leeftijd komt er inkomen bij, waardoor je vermogen minder hard hoeft te werken. De calculator laat dat buiten beschouwing, wat de uitkomst voorzichtig maakt.
  • Volgorde van rendementen. Een flinke daling vlak na je stopdatum doet meer pijn dan dezelfde daling twintig jaar later. Gemiddelden verbergen dat risico.
  • Een hypotheek die afloopt. Zijn je woonlasten straks lager, dan heb je minder vermogen nodig.
  • Zorgkosten en toeslagen. Boven bepaalde vermogensgrenzen vervalt je recht op toeslagen.